Longkanker (longcarcinoom)
Wat
Longkanker is een woekering van kwaadaardige cellen in de longen of luchtwegen. Afhankelijk van de soort cellen waaruit de tumor bestaat, spreken we over het kleincellige type en het niet-kleincellige type. Het type longkanker is van invloed op de keuze van behandeling. De niet-kleincellige vorm komt het vaakst voor.
Wie
Longkanker kwam tot voor kort vooral voor bij mannen van 50 jaar
en ouder, maar wordt de laatste jaren steeds vaker gezien bij (ook
jonge) vrouwen.
Jaarlijks wordt longkanker in Nederland bij ongeveer 9000 mensen
vastgesteld.
Factoren die een rol spelen bij het ontstaan
- roken (van sigaretten, sigaren en pijp)
- frequent meeroken
- asbest contact
Bevolkingsonderzoek longkanker
Longkanker of een voorloper daarvan kan met een röntgenfoto in een vroegtijdig stadium worden ontdekt. In Nederland wordt nu een studie uitgevoerd om na te gaan of screening met een CT-scan zinvol is bij (ex-)rokers tussen de 50 en 75 jaar.
Klachten / symptomen
Longkanker gaat meestal pas in een laat stadium gepaard met
klachten.
De volgende klachten kunnen voorkomen:
- (veranderd) hoestpatroon
- kriebelhoest
- bloed ophoesten
- kortademigheid
- pijn op de borst
- gewichtsverlies
Soms geven uitzaaiingen eerder klachten dan de longtumor zelf.
Onderzoeken
- lichamelijk onderzoek
- bloedonderzoek
- röntgenfoto van de longen (longfoto)
- CT-scan van de borstholte
- bronchoscopie
- longfunctieonderzoek
In een aantal gevallen zal onderzoek gedaan worden naar mogelijke uitzaaiingen:
- PET-scan van het hele lichaam
- CT of echografie van de lever
- botscan
- MRI-scan
![]() |
![]() |
Behandelingen
Als er geen uitzaaiingen zijn aangetoond
- chirurgie
De tumor (met een deel van de gezonde long) wordt chirurgisch verwijderd. Van belang is dat hart en longen voldoende reservecapaciteit hebben, zodat na het verwijderen van (een deel van) een long het bestaan leefbaar blijft.
Soms wordt na de operatie een chemotherapie gegeven. - radiotherapie
Indien er onvoldoende reservecapaciteit is van de long kan gekozen worden voor (stereotactische) radiotherapie.
Als er beperkte uitzaaiingen zijn (bijvoorbeeld in de aangrenzende lymfeklieren)
- chemotherapie in combinatie met radiotherapie of chirurgie
Als er uitzaaiingen zijn
- chemotherapie, soms radiotherapie
Als de tumor is teruggekeerd
- chemotherapie, soms radiotherapie
Een combinatie van bovengenoemde behandelingen geeft soms een beter behandelingsresultaat, maar hiermee wordt de kans op bijwerkingen ook groter.





