DEZE WEBSITE MAAKT GEBRUIK VAN COOKIES

Door de onlangs ingetreden cookiewetgeving zijn wij verplicht u te informeren over het gebruik van cookies op deze website. Deze website plaatst cookies van Google Analytics om de gebruikerservaring te verbeteren.

U dient aan te geven of u onze cookies accepteert.
Voor meer informatie kunt u onze disclaimer raadplegen.

Cookies toestaan Geen cookies toestaan

Bestraling slokdarmkanker

Slokdarmkanker (oesofaguscarcinoom) ontstaat vanuit het slijmvlies in de slokdarm. Er zijn twee typen slokdarmkanker: plaveiselcarcinoom en adenocarcinoom. Een plaveiselcarcinoom ontstaat in het slijmvlies dat normaliter de slokdarm bekleedt (plaveiselepitheel). Een adenocarcinoom ontstaat meestal onderin de slokdarm in het slijmvlies dat veranderd is in een maag-type slijmvlies.

De eerste vorm komt even vaak voor bij mannen als bij vrouwen en is geassocieerd met overmatig roken en alcoholgebruik. De tweede vorm komt vaker voor bij mannen en wordt mogelijk veroorzaakt door het terugvloeien van maagzuur in de slokdarm.

Mogelijke symptomen van slokdarmkanker

  • Doorgang van voedsel gaat moeizamer door vernauwing van de slokdarmopening
  • Afvallen en pijn achter het borstbeen tijdens het eten

Soms kunnen uitzaaiingen eerder aanleiding geven tot klachten dan de slokdarmtumor zelf.

Diagnose

Wanneer er een vermoeden van kanker bestaat, volgen vaak veel onderzoeken. Omdat eigenlijk geen enkele onderzoeksmethode een volledig beeld geeft, worden meestal verschillende onderzoeken uitgevoerd. Uw arts gaat op zoek naar een combinatie van kleine en grote tekens, die soms veel, soms slechts details toevoegen aan het totaalbeeld dat nodig is om uw gezondheidstoestand te kunnen inschatten en omschrijven.

Huidmarkeringen worden geplaatst ter voorbereiding van een bestralingsbehandeling.

 

 

 













Bestraling van slokdarmkanker

Afhankelijk van de plek, de grootte en de uitbreiding van de tumor en uw conditie wordt in multidisciplinair overleg besloten wat voor u de beste behandeling is. Dit kan bestraling (radiotherapie), chemotherapie (medicijnen), een operatie of een combinatie van deze behandelingen zijn.

Bestraling kan deel uitmaken van een behandeling die gericht is op genezing of op het verlichten van klachten. Heeft de slokdarmkanker zich bijvoorbeeld verspreid naar andere organen, dan kan bestraling helpen om lokale pijn- of passageklachten te verminderen.

Voorbereiding op de bestraling

Elke behandeling begint met een eerste gesprek tussen u en de bestralingsarts. De arts beschikt over uw gegevens uit het ziekenhuis. Aan de hand van deze gegevens, en na een lichamelijk onderzoek, bespreekt hij uw bestralingsplan met u en geeft u uitleg over uw bestraling. Tijdens de verdere voorbereidingen voor de bestraling wordt het definitieve bestralingsplan opgesteld.

Leest u ook 'voorbereiding bestraling'.

Door middel van een voorlichtingsgesprek kijken we samen met u naar de verschillende praktische zaken die komen kijken bij een behandeling
















Uw eerste bestraling

Na de voorbereiding en het inplannen van de behandeling(en) krijgt u uw eerste bestraling. U krijgt voor uw eerste bestraling een voorlichtingsgesprek. Een laborant vertelt u hoe uw bestraling gaat en wat u kunt verwachten tijdens uw bestralingsbehandeling. 
Onze radiotherapeuten en behandelend specialisten begeleiden u tijdens de verschillende fasen in de behandeling en staan klaar voor al uw vragen omtrent het doel en de inhoud van de behandeling.

Tijdens uw bestralingsperiode maken wij regelmatig een afspraak voor u met uw bestralingsarts. Deze afspraak wordt gecombineerd met uw bestraling. De bestralingsarts bespreekt met u of en wanneer controle in Instituut Verbeeten nodig is.

Het is belangrijk dat u geen sieraden draagt op het deel van uw lichaam dat bestraald wordt. Sieraden kunnen er ook voor zorgen dat u ongemakkelijk ligt. Als u voor uw bestralingsbehandeling komt, laat uw sieraden dan thuis. Zo kunt u ze na uw bezoek ook niet vergeten.
(Instituut Verbeeten is niet aansprakelijk voor verlies, beschadiging of diefstal van uw sieraden.)

Bijwerkingen

Hoewel wij er alles aan doen om bijwerkingen te voorkomen, zijn ze niet altijd te vermijden. Ze kunnen per behandeling verschillen. De laborant bespreekt uw klachten vóór uw bestraling met uw bestralingsarts. U kunt gedurende de behandeling bijvoorbeeld last hebben van de huid waarop u bestraald wordt. Deze kan rood verkleuren, en schraal aanvoelen.

Leest u ook de folder 'Huidadviezen - Poli doktersassistent'

Bespreek uw klachten altijd met de laborant van uw bestralingstoestel en met uw bestralingsarts.

Ondersteuning

Kanker zet uw wereld op zijn kop. U en uw naasten krijgen veel te verwerken. In korte tijd krijgt u veel te horen over uw ziekte en de behandeling daarvan. U kunt bijvoorbeeld last hebben van bijwerkingen, vragen hebben over voeding of u hebt behoefte aan een gesprek met een van onze maatschappelijk werkers. Ook hierbij staat ons team specialisten voor u klaar om u bij te staan. Onder het kopje 'Ondersteuning' op deze website, leest u waar wij u bij kunnen helpen.