Dr. Bernard Verbeeten Instituut

Radiotherapeutische Oncologie
en Nucleaire Geneeskunde

Brugstraat 10 · 5042 SB  Tilburg · tel 013 594 77 77 · fax 013 594 76 83

Straling in de Radiotherapie

Uitwendige bestraling

In de Radiotherapie gebruiken we (ioniserende) straling voor de behandeling van kanker (soms ook goedaardige aandoeningen). Bestraling van kanker gebeurt meestal uitwendig door daarvoor geschikte röntgenapparatuur (lineaire versnellers) of inwendig door radioactieve bronnen in het lichaam te brengen.

De dosis ioniserende straling zoals gebruikt in de radiotherapie, beschadigt of vernietigt levend weefsel. Van deze eigenschap maken we gebruik tijdens het bestralen van kwaadaardige tumoren met ioniserende straling met een hoge energie. Het vervelende is dat bij zo'n bestraling ook rond de tumor liggend, gezond weefsel wordt meebestraald, dus beschadigd. Gelukkig herstelt gezond weefsel beter dan kankercellen. Het gezonde weefsel kan echter niet onbeperkt bestraald worden. Elke weefselsoort of orgaan heeft een bepaalde kritieke waarde, waarna dat weefsel niet meer herstelt en afsterft. Hier wordt bij het maken van een bestralingsplan per individuele patiënt rekening mee gehouden.

De patiënten worden uitwendig bestraald met behulp van bestralingstoestellen (lineaire versnellers,) die in een bestralingsruimte staan opgesteld. Deze bestralingsruimte heeft dikke, betonnen wanden die de straling voor het grootste deel absorberen. Hoewel de straling schade aanricht aan het weefsel, wordt u zelf niet "radioactief" van een bestraling. Zodra het apparaat uitgeschakeld wordt, is de straling weg. U hoeft dan ook niet bang te zijn dat de mensen in uw omgeving gevaar lopen.

Inloggen